Politie maakt te veel brokken

Politievakbond VSOA eist dat er dringend een doorgedreven opleiding defensief rijden komt in de politiescholen. Bij de federale politie alleen al botsten vorig jaar liefst 808 combi’s, motors en anonieme wagens. Een stijging met 10 procent in tien jaar tijd – ondanks bijscholingen.

Bron: De Morgen

Een botsing met een loslopend paard of geparkeerde wagen, overhaaste manoeuvres die in de gracht of tegen een boom eindigen, maar ook kleine ‘tikjes’ tijdens een achtervolging. Elke dag raken zeker twee federale agenten betrokken bij een ongeval, zo blijkt uit cijfers die Open Vld-Kamerlid Luk Van Biesen heeft opgevraagd bij bevoegd minister Jan Jambon (N-VA).

Een voorzichtige steekproef bij verscheidene zones leert dat ook dagelijks een vijftal lokale collega’s crashen. Niet zelden als ze achteruitrijden. De overgrote meerderheid van de ongelukken gebeurt tijdens een interventie.

Bij 3 à 4 procent van de botsingen vallen er gewonden. Ook de kostprijs van de stoffelijke schade is aanzienlijk. Alleen al de botsingen van de federale agenten leverden vorig jaar een gepeperde rekening op van 1,1 miljoen euro.

Natuurlijk waren de agenten niet altijd zelf in fout. Maar voor binnenlandminister Jambon is het toch noodzakelijk dat nog meer agenten bijscholing krijgen. Politiescholen organiseren daarom steeds meer rijvaardigheidscursussen voor agenten met jaren dienst op de teller. “Dat is prioritair voor ons”, luidt het.

Onverantwoord

Politievakbond VSOA is blij met de cursussen. “Maar dit is niet voldoende”, zegt voorzitter Vincent Gilles. “Een doorgedreven opleiding defensief rijden moet dringend worden geïntegreerd in de basisopleiding van politiemensen. Nog steeds krijgen de nieuwe agenten en inspecteurs louter een theoretische cursus. Daarna sturen de bazen hen onmiddellijk de baan op met een prioritair voertuig. Gewapend met een simpel rijbewijs B. Dat is eigenlijk niet verantwoord.”

Politievoertuigen vergen dan ook een grote behendigheid, zegt Gilles. “Een blauw zwaailicht en een sirene maken je geen betere bestuurder. Je moet net nóg alerter zijn. Bovendien zijn de wagens doorgaans veel zwaarder dan een normale Volkswagen Transporter, Audi A4 of Volvo V70. Je sleurt dan ook heel wat materiaal mee, om nog maar van de bepantsering te zwijgen. Tot slot schuilen onder de motorkap zware pk’s. Zeker jonge agenten hebben moeite om die op een correcte manier de baas te zijn.”

Voor Gilles is het evenwel niét de bedoeling om ‘antislipspecialisten’ of rallypiloten te vormen. “Maar we moeten de manschappen wel de juiste reflexen en technieken aanleren. Net zoals een betere kennis van de risico’s en de gevolgen. In Nederland moeten agenten al tien jaar verplicht intensieve cursussen volgen. Daar zijn de ongevallenstatistieken stevig gedaald.”

VSOA pleit bovendien voor een betere

uitrusting. “Vroeger gingen de wagens na 200.000 kilometer uit de vloot”, aldus Gilles. “Momenteel moeten ze nog 50.000 kilometer extra dienst doen – wegens besparingen. Rijden met meer versleten voertuigen, is nóg moeilijker.”

Uit buitenlandse testen blijkt overigens dat het aantal ongelukken ook kan dalen door enkele eenvoudige aanpassingen op de voertuigen. Zo dimmen Duitse politie-eenheden al een tijdje de zwaailichten bij een interventie op de snelweg. Daardoor zijn de kegeltjes en wegsignalisatie beter zichtbaar en rijdt bijna niemand nog in op een combi. De Britse politie verkiest dan weer een blokjesmotief boven strepen. Dat creëert een groter contrast en dus betere zichtbaarheid.

(JF) ■